Veiligheidsregio Brabant-Zuidoost (VRBZO) waarin 21 Brabantse gemeenten samenwerken, nam recent vier nieuwe Scania brandweervoertuigen in gebruik. De Veiligheidsregio koos voor het Zweedse merk onder meer vanwege de af-fabriek geleverde vijf persoon crewcab en het hoge koppel van de vijfcilinder 280 pk sterke negen liter SCR-only motor.

“Van de voertuigen staan er drie in Eindhoven en één in Helmond gestationeerd.” vertelt Jos van Mierden, bevelvoerder in Eindhoven en tevens projectleider tijdens het aanbestedingstraject. “Wij hebben een pakket van eisen opgesteld en aan de hand daarvan een aanbesteding uitgeschreven. Dan gaat het hele proces rollen. Uiteindelijk sloot het voorstel van Kenbri Firefighting uit Numansdorp het beste aan en dat was op basis van een bladgeveerde Scania P280 bakwagen met een CP28L crewcab er op.”

Waarbij voor de veiligheidsregio de bouw van de cabine heel zwaar meetelde. “Wij hebben minder goede ervaringen met cabines die door een ombouwer zijn verlengd”, legt Jos uit. “Je moet je voorstellen dat een brandweerauto bij ons minimaal 10 jaar mee moet. Dan heeft hij misschien net anderhalve ton gelopen, maar geloof mij dat het materieel het verder heel zwaar te verduren krijgt. Bij veel van die achteraf verbouwde cabines gaat het dan toch geregeld fout. Dat kan een simpel slotje, maar ook een complete deur zijn die niet meer leverbaar is. Maar we hebben ook eens scheurvorming meegemaakt. Daarom wilden wij deze keer een af-fabriek ontworpen én gebouwde crewcab. De Scania crewcab voldoet aan die eis en past precies bij onze wensen. Bovendien garandeert de fabriek dat ze tot 25 jaar na productie alle onderdelen kunnen blijven leveren.”

De vier nieuwe P280’s zijn heel compact gebouwd en sluiten aan bij een nieuw uitrukconcept binnen VRBZO. “Met een kleinere bezetting (vier i.p.v. zes) in een wendbaar voertuig, speciaal voor stedelijk gebied. Daarom hebben we maar plaats nodig voor vier brandweermannen en een vijfde voor een passagier, zoals bijv. een stagiaire. Dat betekent niet alleen een kleinere cabine. Het hele voertuig is korter want we nemen ook minder mee dan voorheen. Dit zijn echte stadstijgers. Ze zijn ook niet ingezet bij de grote natuurbranden die we recent hadden. Daarvoor hebben we 4×4 aangedreven voertuigen.”

“Onze mensen noemen hem al de Dinky Toy. Maar dat is het zeker niet. Wij wilden een snel en wendbaar voertuig voor in smalle straten. Daar excelleert de Scania. Wij wilden minimaal 1.150 Nm koppel. De Scania DC09 motor gaat daar ruim overheen, Hij levert standaard 1.400 Nm tussen 1.000 en 1.350 omwentelingen. Omdat wij met een Allison MD3000 bak rijden, wordt dat koppel nog versterkt door de koppelomvormer van de bak zelf. Dus gaat de auto letterlijk als de brandweer. De kortere wielbasis maakt hem heel wendbaar. We hebben hem al ingezet in de stad en daar blijkt de handling boven verwachting. Ook de in- en uitstap is uitstekend bij de Scania.”

Dat komt ook omdat het voertuig met 15 ton niet extreem zwaar is. “Wij hoeven binnen de nieuwe manier van werken geen 3.500 maar nog slechts 1.500 liter water voor de eerste uitruk mee te nemen. En dat kan weer vanwege het feit dat wij bij de eerste (verkennende) inzet alleen hogedruk blussen. Dat vraagt maar 115 liter per minuut. Dat geeft ons genoeg tijd de pomp door te koppelen naar het waterleidingnet. In Eindhoven zit daarvoor om de 40 meter een brandput in de straat. Dan gaat het voluit met lage druk en 300 liter per minuut.”

Toch is de compacte brandweerwagen een echte krachtpatser. De pomp kan tot 2.350 liter water per minuut leveren Daarvoor is dan wel een speciale PTO nodig. “Er zit een Chelsea op”, vertelt Jos. “Want bij die opbrengst moet de motor alles geven wat hij heeft. Er is mij wel eens vertelt dat één uur blussen op vol vermogen evenveel brandstof verbruikt als één uur een gemiddelde van 73 kilometer per uur aanhouden op kleine wegen.”